Wetsvoorstel verkorting partneralimentatie

Rotterdam, 09-08-2018

Na een echtscheiding zijn ex-echtgenoten (en ex-geregistreerde partners) volgens de wet verplicht om elkaar in levensonderhoud te voorzien. Uiteraard enkel voor zover daar behoefte aan is bij degene die de alimentatie gaat ontvangen en voor zover degene die moet betalen, daarvoor voldoende financiële middelen heeft. De maximale termijn waarover op dit moment partneralimentatie betaald moet worden is twaalf jaar. Daarbij moet voor wat betreft die termijn wel aan twee voorwaarden zijn voldaan: het huwelijk moet langer hebben geduurd dan vijf jaar en er moeten uit het huwelijk kinderen zijn geboren.

 

Een aantal politieke partijen (VVD, PvdD en D66) is echter van mening dat de termijn van twaalf jaar niet meer past in de huidige maatschappij. De alimentatiegerechtigde zou gestimuleerd moeten worden op zoek te gaan naar werk. De zelfredzaamheid van beide partners is de basis.

Verder wordt door de initiatiefnemers van het wetsvoorstel ervoor gepleit om de termijn voor partneralimentatie te verlagen. De termijn is gelijk aan de helft van de duur van het huwelijk met een maximum van vijf jaar.

 

Op deze hoofdregel gelden twee uitzonderingen. Ten eerste bij huwelijken langer dan 15 jaar, waarbij de leeftijd van de alimentatiegerechtigde ten hoogste 10 jaar lager is dan de AOW-leeftijd, is de duur van de partneralimentatie maximaal 10 jaar. Er is dan een recht op alimentatie totdat de AOW-leeftijd is bereikt.

De tweede uitzondering geldt voor echtgenoten met zorg voor jonge kinderen onder de twaalf jaar. In dat geval blijft de maximale duur van partneralimentatie twaalf jaar.

 

In de huidige wet eindigt de alimentatieplicht automatisch wanneer de alimentatiegerechtigde hertrouwt of gaat samenwonen als ware hij/zij gehuwd. Volgens het wetsvoorstel eindigt de alimentatieplicht ook automatisch als de onderhoudsplichtige gewezen echtgenoot de AOW-leeftijd heeft bereikt.

In het voorstel is een hardheidsclausule voor schrijnende gevallen opgenomen. Ook wordt de berekening van de rechter over de behoefte en draagkracht, die aan de uitspraak van de rechter over het verstrekken van levensonderhoud ten grondslag liggen, verstrekt aan degene die de procedure heeft opgestart en aan de in de procedure verschenen belanghebbenden. Dat is nu nog niet standaard het geval.

 

Het wetsvoorstel zal geen terugwerkende kracht hebben. Het is slechts van toepassing op verzoeken over vaststelling van partneralimentatie die na het moment van inwerkingtreding van de nieuwe wet zijn ingediend. Het wetsvoorstel is echter ook van toepassing op verzoeken tot wijziging van bestaande partneralimentatie verplichtingen die na het moment van inwerkingtreding van de nieuwe wet zijn ingediend.

 

Op dit moment is het wetsvoorstel in behandeling bij de Tweede Kamer. Wij houden de ontwikkelingen hierover in de gaten en zullen u informeren wanneer er nieuws te melde is.

 

Heeft u vragen over het betalen of ontvangen van partneralimentatie? Neem dan contact op met één van onze specialisten: Marieke Veken, Fabrizia de Wit-Facchetti en Anouk van Eijkeren.

-

in Personen- en familierecht.