Huurders van Markthal vissen achter het net

Rotterdam, 09-02-2018

De Markthal is inmiddels een iconisch gebouw in Rotterdam, dat gemiddeld 8 miljoen bezoekers per jaar aantrekt. Op het eerste gezicht een overweldigend succes. Dat succes wordt niet door iedereen zo ervaren.

Onlangs hebben namelijk twee (bedrijfsmatige) huurders van de Markthal in een procedure gevorderd de huurovereenkomst met de Markthal te ontbinden of te vernietigen. Zij wilden kort gezegd (tussentijds) van de huurovereenkomst af. De huurders stelden zich op het standpunt dat de Markthal is afgeweken van de overeengekomen “branchering”. Hierdoor zou sprake zijn van een tekortkoming, die de ontbinding van de huurovereenkomst rechtvaardigt.

Volgens de huurders mochten zij bij het aangaan van de huurovereenkomst namelijk verwachten dat er sprake zou zijn van een zogenaamde “vershal”, waar naast delicatessen en bijzonder eten, vooral veel aanbod aan verse groenten, fruit, vlees en vis zou zijn. De Markthal richt zich nu steeds meer op andere branches, en dan met name op de horeca.

De kantonrechter is het niet eens met de huurders. Volgens de kantonrechter was het vooraf voor alle partijen duidelijk dat het om een vastomlijnd concept ging, maar dat het daarnaast een nieuw en innovatief concept was. De kantonrechter is het daarom met de Markthal eens, dat de initiatiefnemer een zekere mate van vrijheid moet hebben om met te markt mee te bewegen. De kantonrechter meent dat de Markthal zich voldoende heeft ingespannen om het branchepatroon – waar partijen vanuit zijn gegaan – voldoende te bewaken. Het loslaten van het concept waarin de verkoop van vers voedsel centraal staat, is volgens de kantonrechter dan ook niet aan de orde.

De vordering tot ontbinding of vernietiging van de huurovereenkomst is afgewezen.

De kantonrechter komt de huurders nog wel tegemoet in de hoogte van de overeengekomen servicekosten. De Markthal heeft aanzienlijk meer bezoekers aangetrokken dan verwacht. Dat is één van de oorzaken dat de doorberekende servicekosten veel hoger zijn uitgevallen, dan eerst werd ingeschat. De kantonrechter beslist dan ook, dat de hoogte van de daadwerkelijke servicekosten niet meer dan 50% mag afwijken van het voorschot dat is afgesproken.  

Bent u benieuwd naar de volledige uitspraak, klik dan hier.

Hebt u vragen over het huurrecht, neem dan gerust contact op.

 

-

Suzanne Nooteboom in Contractenrecht.