Verbod dynamische verkeerscontrole

Rotterdam, 12-01-2016

Op 21 december 2015 heeft het Hof te Amsterdam korte metten gemaakt met de verkeerscontrole die enkel wordt ingezet voor opsporingsdoeleinden, zoals het opsporen van criminelen; de zogeheten dynamische verkeerscontrole.

Bij een dynamische verkeerscontrole, die overigens vast beleid van de politie is geworden, is het de politie louter te doen om opsporingsactiviteiten zonder dat er enige verdenking van een strafbaar feit is. Op die manier kan informatie worden verzameld die bij een reguliere verkeerscontrole niet toegankelijk zou zijn. Van een daadwerkelijk controle op naleving van de verkeersvoorschriften is geen sprake, daarin is de politie niet geïnteresseerd.

In deze zaak volgde de politie in burger een auto die op naam bleek te staan van een bedrijf waarvan criminelen “gebruik maakten”. Vervolgens laten agenten in uniform de auto stoppen in het kader van een verkeerscontrole, terwijl niet bleek dat er iets mis zou zijn met de auto. Bij de controle werden verdovende middelen aangetroffen.

Het Hof oordeelde dat de politie de haar toekomende controlebevoegdheden van de Wegenverkeerswet 1994 uitsluitend heeft aangewend ten behoeve van opsporingsactiviteiten, dus voor een ander doel dan waarvoor die bevoegdheden zijn gegeven. Daarmee heeft de politie zich schuldig gemaakt aan schending van een fundamenteel rechtsbeginsel.

Voorts achtte het Hof deze schending dermate ernstig dat zij oordeelde dat het bewijs dat voortvloeit uit deze controle moet worden uitgesloten en in deze zaak leidde dat tot een vrijspraak.

Voor meer informatie kunt u contact met mij opnemen.

-

Trix Maandag in Strafrecht.